zondag 21 juni 2015

De WoPeeH

  • Denkend aan Holland
  • zie ik breede rivieren
  • traag door oneindig
  • laagland gaan,
  • rijen ondenkbaar
  • ijle populieren
  • als hooge pluimen
  • aan den einder staan;
  • en in de geweldige
  • ruimte verzonken
  • de boerderijen
  • verspreid door het land,
  • boomgroepen, dorpen,
  • geknotte torens,
  • kerken en olmen
  • in een grootsch verband.
  • De lucht hangt er laag
  • en de zon wordt er langzaam
  • in grijze veelkleurige
  • dampen gesmoord,
  • en in alle gewesten
  • wordt de stem van het water
  • met zijn eeuwige rampen
  • gevreesd en gehoord.

Ja die Marsman had het anno 1936 niet beter kunnen verwoorden. Prachtig dat Hollands landschap, om op de fiets of te voet door heen te dwalen. Maar oh oh oh wat als je als vrouw moet plassen?? In dat oneindige niks? Die hoge populieren geven geen beschutting om achter te hurken en op zondag-wandel-dag zijn de dorpen ook niet beschikbaar. De wandelende vrouw in Marsmans tijd liep vast met geknepen billen een zeer beperkt rondje.

Want nu kan ik, wandelende vrouw zomaar, gelijk de man tegen elke ijle populier of geknotte olm mijn blaas legen en met een opgewekt gemoed mijn weg vervolgen. 

Na mijn laatste lange tocht met volle blaas ben ik opzoek gegaan naar een oplossing. En vond al snel een klein handzaam dingetje. De WOPEEH (Women's Peeing Help) thuis uitgesproken als "woepie". 
Het is een plastuit die goed aansluit en door de vorm ook echt werkt. Na enig oefenen thuis, je moet even door hebben hoe je hem moet houden, gaat het nu prima. Het is echt wennen. Het staand plassen is niet iets dat vrouwen van nature doen. Ontspannen staan en gedoseerd plassen is dus even een training. Maar daarna is het gemak echt groot. Al twee maal redde het mij tijdens een wandeltocht en ook op een festival was ik er erg blij mee. Ik overweeg er ook een voor mijn dochter aan te schaffen. Ze wordt echt te groot om op te tillen en plast dan standaard over mijn voeten.....

De makers van Wopeeh hebben er goed over nagedacht. Zo spoel je hem snel schoon en kan je hem afsluiten door de dop er weer op te doen. Hij is gemaakt van extra glad materiaal waardoor de wopeeh ook heel snel droog is, eigenlijk is even stevig schudden al genoeg. En als laatste klein en handzaam dus zo in je tas gestopt. 

Nee ik heb geen aandelen. Gewoon heel enthousiast over een leuk, duurzaam en handig product. 

zaterdag 20 juni 2015

Sint Jan


De glans van de wereldschoonheid
dwingt mij uit diepten van mijn ziel
mijn goddelijke levenskrachten
te ontvouwen voor een wijde vlucht;
mijzelf te verlaten
om vol vertrouwen mijzelf te zoeken
in wereldlicht en wereldwarmte

Vanaf het voorjaar doet de natuur zo haar best om met Sint Jan tot uitbarsting te komen. De zon klimt elke dag een stukje hoger en staat met de zonnewende op haar hoogste punt. De groei is op haar hoogte punt, ook letterlijk. Het graan zal niet lang meer door groeien maar de kracht van de zon gebruiken om te rijpen. De prachtige bloesem in de bomen is bevrucht en de tijd van de vrucht is nu gekomen. 
Net als vele andere jaarfeesten is Sint Jan een samenspel van een voor-christelijk feest, de midzomerfeesten en de geboorte dag van Johannes de Doper. Tijdens de midzomer feesten lag de nadruk op zuivering voor vuur. Johannes was een man die dicht bij de natuur leefde en een zeer groot/hoog geestelijk wezen was.
Hij was de wegbereider van Christus. Hij doopte Christus in de Jordaan, terwijl een duif neerdaalde op Zijn hoofd. Het was het begin van de drie jaren dat Christus preekte en genas. Johannes sprak de legendarische woorden: "Hij moet groeien, ik moet afnemen!" Dit Sint Jansmotief vinden wij ook terug, als wij meeleven met de loop van de zon: het uiterlijke zonlicht neemt vanaf de Sint Jansdag af, het innerlijke zonlicht moet nu weer gaan groeien, tot wij precies een half jaar later, na de winterzonnewende, Kerstfeest vieren, de geboorte van de goddelijk-geestelijke zon. Om voor kinderen deze samenhang zichtbaar te maken, zou een oud gebruik weer in ere hersteld kunnen worden: droog de bloemenkrans, die op het Sint Jansfeest gedragen wordt, en gebruik deze een halfjaar later als hooi voor de kribbe in de kerststal!
De aardeziel heeft zich zo hoog mogelijk verheven en raakt tot het hemelrijk. Hemel en aarde zijn een korte periode met elkaar verboden. En de mensen ervaren dat door de enorme drang om naar buiten te gaan. Los te breken van hun vaste patronen, grenzen verleggen en soms zelf even los van zich zelf te komen. Deze drang kennen we allemaal, de avonden worden langer, we willen buiten zitten, vakantie plannen maken en als  het dan tijd is het huis verlaten en grenzen over trekken om ergens anders van de natuur en buiten te genieten. 
Het vuur van Sint Jan wakkert ook bij ons vuur aan. We maken enthousiast toekomstplannen, 'we gaan het helemaal anders doen als we weer thuis zijn'. We  raken dan wel gemakkelijk ons zelf kwijt, raken de weg even kwijt door de geest die te veel ruimte krijgt. In vroegere tijden zeiden de druïden als dat het verruimen van de geest prima was in deze tijd, maar blijf altijd bij je zelf. Ik zie het aan mijn kinderen, ze zijn dromerig rond deze tijd. Ook moe van het jaar en de enorme groei. Maar ze zijn ook hun ritme wat kwijt, het is licht bij het opstaan en naar bed gaan. Om ze niet helemaal buiten zich zelf te laten gaan is het goed om ook in deze tijd het thuis ritme vast te houden. Natuurlijk kunnen de teugels in de vakantie losser. Maar houd ook vast aan eigen gebruiken en rituelen. Zodat ze zich zelf niet helemaal verliezen. 

Op school vieren we Sint Jan met een avondfeest. Aan het einde van de dag komen we samen op een open plek in de natuur. Getooid met bloemen kransen en goed gevulde picknick manden. Er worden spelletjes gedaan, gedanst oa de "Zevensprong"en veel gezongen. Het vuur mag worden aangestoken door de hoogste klas, zij die de school na de zomer gaan verlaten. Vanaf de eerste klas mag je over het vuur springen. Iets waar sommige al een lange tijd naar uit kijken. Het zuiverende en warme vuur draagt de springers en verbind en verstevigd  de liefde en vriendschap voor weer een extra jaar. 


zaterdag 13 juni 2015

Om hulp vragen is moeilijk maar ook ik kan dat leren

Het begon nog maar net licht te worden toen ik vanmorgen wakker werd gemaakt door een klein zielig meisje dat zei dat het echt niet goed met haar ging. "Ik heb wiebel benen". Dan weet ik wel hoe laat het is. Een lage bloedsuikerspiegel . Ooit, toen ze nog naar 1,5 jaar was vond ik haar helemaal slap in haar wieg. Ze deed amper haar ogen open. Raar maar waar heb ik haar toen in een reflex een smoothie gegeven die ik al had klaar staan. En binnen 5 minuten was ze weer haar vrolijke zelf. Het is daarna nog twee keer voorgekomen en steeds met fruit kunnen oplossen. De huisarts adviseerde om veel meer eet momenten aan te bieden. Met als gevolg dat ik tot ruim 3 jaar een nachtvoeding heb gegeven. 
De laatste jaren gingen het eigenlijk heel goed. Maar afgelopen twee weken waren zo druk en inderdaad qua eten zeer onregelmatig dat ik denk dat ze afgelopen dagen echt te weinig heeft binnen gekregen. Net als vroeger opgelost door haar fruit te geven. Na een half uur lag zij weer lekker te slapen maar zat ik klaar wakker beneden. En kwamen de gebeurtenissen van de dag er voor weer naar boven. Een dag dat ik maar weer eens werd gewezen op de grenzen van mij eigen lichaam. 
Net als bijna elke maand had ik een afspraak bij de bloedbank voor het geven van plasma. De laatste keer was het niet helemaal goed gegaan en viel ik flauw halverwege de van Brienenoordbrug. Ik was dus extra voorzichtig. Maar helaas aan het einde van de sessie voelde ik het aankomen en werd het weer zwart. Gelukkig lag ik nu nog in de stoel en was omringd door verpleegkundigen en een arts. Ik schijn lang weg geweest te zijn want de arts had bijna het ziekenhuis ingeschakeld. Maar ik kwam weer bij en was ook meteen weer helder. Geen paniek of schrik bij mij. Ik weet wat het is, herken het en weet hoe ik moet reageren. Helaas ging het na een half uur nog een keer mis.  De bloeddruk was voor het afgeven 117/83 en na het flauwvallen 80/50 en na 2 uur plafond staren 85/60. Veel te laag dus. Nou kom ik nooit echt hoog maar de laatste maanden is het wel weer erg laag. (leuk weetje; tijdens het hoogtepunt van de bevalling van Davita had ik voor het laatst een 'normale' bloeddruk van 120/95 hoger ben ik nooit gekomen)
Ik weet dat ik, net als Davita niet genoeg en te onregelmatig heb gegeten afgelopen week. Maar wat baal ik er van als mijn lichaam mij in de steek laat. Iets waar ik toch al erg mee bezig ben. Mijn knieën doen pijn na het wandelen, de constante kiespijn (waar nu wel een plan voor wordt gemaakt) en een hoofd dat me geregeld in de steek laat, allemaal zaken waar ik nog even mee moet leren om gaan. 
Terug naar het bed bij de bloedbank, om 14 uur (4,5 uur later) was de bloeddruk 95/70 en voelde ik me goed genoeg om weer te gaan. De arts raadde het af maar er was geen ander alternatief. Ik was met de fiets, de fiets die ik echt niet achter laat en de taxi die de bloedbank belde om mij naar huis te brengen weigerde mijn fiets mee te nemen. Dus zat er niks anders op dan heel rustig naar huis te fietsen. Gewapend met een roze koek, appel en fles water was ik blij weer buiten te zijn. Al kwam de warmte wel erg hard aan. Onderweg ging het nog één keer bijna fout maar toen zat ik al in de beschutting van een bushokje. De 17 km gingen goed maar ik was zelden zo blij om thuis te komen. Meteen onder een frisse douche en eten! 

Moe, vreselijk moe was ik en heb tot 19uur op de bank gelegen. Blij met een grote zoon die zelf eten haalt en wat boodschappen voor mij doet. Trots op mezelf dat ik die ochtend een ouder om hulp durfde te vragen. Davita moest opgehaald worden van school en even bij een vriendje eten. En daar komt mijn eigenwijze hoofd weer om de hoek. Ik heb zo'n moeite met het vragen om hulp, aan ouders op school of wie dan ook. Bang om afgewezen te worden en weer te gevoel te krijgen alleen te staan met alles. Maar tot mijn stomme verbazing zei deze super vader meteen JA en geen probleem. Davita heeft er heel de middag gespeeld, gegeten en werd zelfs thuis gebracht. 
Vanmorgen in alle vroegte toen Davita tegen mij aan lag te slapen en ik terug dacht aan gisteren werd ik gewoon verdrietig. Mijn gebrek aan vertrouwen, de angst om hulp te vragen en de aanname dat andere het te druk hebben en jij alleen maar stoort, is nog wel erg sterk. Terwijl ik zelf altijd klaar sta om andere te helpen en dat de normaalste zaak van de wereld vind, is dat dus in mijn hoofd eenrichtingsverkeer. Over de oorzaak hoef ik niet lang na te denken, niks geen Freudiaans geneuzel hoor. Maar het keihard afgewezen worden door mensen waar je een periode heel veel gedaan hebt. En dat niet één keer maar twee, drie, vier keer in een tijdsbestek van een paar jaar. Met als gevolg dat ik nog wel uitkijk om mijn nek uit te steken voor een zogenaamde vriendin en lekker blijf modderen in mijn eigen problemen en gedoetjes. 
Maar dan komt de actie van gisteren en een  andere ouder die me op een ochtend spontaan uitnodigt voor een kop thee thuis zodat ik daar kan wachten tot de school uit is en de luisterende oren die oprecht zijn. 
Ja, gek hoofd van mij, de mensen op deze school staan wel voor je klaar met hulp als je het maar vraagt!!!! 



Pinksteren

Hier is onze fiere Pinksterblom, 
en ik zou hem zo graag eens wezen, 
met zijn groene kransen in het haar, 
en met zijn rinkelende bellen! 
Recht is recht, 
krom is krom!
Belief je wat te geven voor de fiere Pinksterblom, 
want de fiere Pinksterblom moet voortgaan!



In de laatste weken is er in de natuur een ware ontploffing van groeikracht zichtbaar geworden! Je staat versteld van alles wat zich weer uit de aarde omhoog heeft gericht! In de weilanden komen allerlei kleine plantjes tevoorschijn, en zeker in de gebieden, waar de dieren op dit moment niet buiten mogen grazen, zie je een waas van kleur over het gras liggen. Zelfs fluitenkruid en koolzaad slingert zich al volop langs de wegen. Miljoenen bloemen openen zich iedere morgen weer om hun hart naar de zon te richten. Na de lange periode van kou en vocht, zoeken niet alleen de mensen naar de zon! Op onverwachte momenten kun je ineens een geur opvangen, die je doet verlangen naar de zomer.
's Ochtends vroeg verdrijft de zon de nevel, die over de velden ligt, zodat de koesterende zonnewarmte de aarde kan raken. Maar de bloemen moeten eerst zichzelf openen om de zonnestralen in hun binnenste te kunnen ontvangen. Temidden van de kleurige, geurende bloemen, in de warme stralen van de zon, komen de insecten, en ook de eerste vlinders zullen niet lang meer op zich laten wachten...
De samenleving van de bijen is in deze tijd een prachtig voorbeeld van de ware harmonie, waarin iedere individuele bij zich volledig geeft aan de taak die hij in het geheel vervult. Het is echter niet louter een spel van geur, kleur, licht en beweging dat hier plaatsvindt. De kleine bedrijvige insecten vervullen een hoogst gewichtige taak; zij zijn de overdragers van het stuifmeel, zij verzorgen de bevruchting van de plant. Want het is nu niet alleen een tijd van bloei, de tijd van bevruchting is aangebroken. De planten moeten zich voorbereiden op het vruchtdragen, om daarin hun leven te kunnen doorgeven.
Daarin dragen de insecten bij, die, door de tijdelijkheid van hun eigen bestaan,
het meest doordrongen lijken van het belang van het behoud van het leven, door het behoud van de soorten, dus van de eeuwigheid van de natuur. Zoals de plant, bij het ontvouwen van de bloem, zich opent voor de zonnekracht, zo zou ook de mens zich kunnen openen voor de Geesteskracht. De mens, die "....bezield, de Geest een woning geeft...." (uit de ochtendspreuk van klas 4, 5 en 6). Een woning voor de helende, heelmakende Geest, die de vurige tongen deed verschijnen boven de apostelen van Jezus. De helende, heelmakende Geest, die het vuur van het enthousiasme bracht, zodat mensen, die elkaars taal niet spraken elkaar door hun eigen hartewarmte wel konden begrijpen.
Door bewust te oefenen in het spreken van de juiste woorden, in het denken van de juiste gedachten, in het vormen van de juiste mening over alles wat je overkomt, neem je een eigen wilsbesluit om de vanzelfsprekendheid van je woorden en daden onder de loep te nemen, en om de woorden en daden van anderen beter te kunnen begrijpen (ook al spreek je niet dezelfde "taal"). Hoe kun je een ander waarnemen, als je niet eerst de blik naar binnen richt? Eigenlijk is dit een oefenweg voor het leven, maar je kunt er altijd mee beginnen! Dan raak je enthousiast ("beGEISTert", in het Duits), je wordt geraakt, je weet heel goed wat "rechf'is en wat "krom", en je zult hier anderen steeds deelgenoot van willen maken! Dan draag je, net als de bijen, bij aan een groter geheel, en word je de "vruchtdrager" van de Geest.
Het "vieren" van Pinksteren vraagt veel meer van de mens, dan het vieren van Kerstmis en Pasen: geen volle, versierde etalages, geen commercie, geen folders in de brievenbus, geen overal zichtbare symbolen, die je op weg helpen. Pinksteren zullen wij zélf moeten invullen!
Er wordt dus een beroep gedaan op de scheppende geest van de mens: de bloemen, die tijdens het Pinksterfeest gedragen worden, zijn dan ook door de mens zélf gemaakt, van papier. Pas op het feest van Sint Jan dragen we de bloemen uit de natuur, ten teken dat de zomer er is.
De meiboom, (het symbool voor de boom, de plaats van ontmoeting) wordt door de mens zélf opgericht tussen hemel en aarde, getooid met linten als takken, een mooi beeld voor de opgerichte houding van de mens.,..met de linten als verbinding tussen hemel en aarde. De linten, die verweven worden in de Pinksterdansen. Wat te denken van het beeld, dat je, op aarde lopend met het lint, iets veroorzaakt, dat boven je hoofd, in hogere sferen, gevolgen heen, ook voor anderen (een knoop in je vlechtwerk, bijvoorbeeld!)......
Je kunt dus maar beter op goede voet staan met elkaar.....
Oude volksgebruiken, verweven met christelijke motieven helpen ons op weg: iedereen is op het Pinksterfeest in het wit gekleed, als symbool van schoonheid en reinheid. De (eveneens witte) duif is het symbool van de verbinding tussen hemel en aarde. Ook was de duif, in het verhaal van Noach, het dier, dat het eerste teken van nieuw leven bracht: het groene takje. 
De "fiere pinksterblom" werd hij, of zij, die als laatste opstond op "luilakdag", de zaterdag voor Pinksteren. Soms ook werd één van de huwbare meisjes van een dorp de pinksterblom of pinksterbruid. Vroeger bewaarde men voor dit feest restjes gekleurd papier, om de "bruid" mee te versieren.
Het feest vormde een uiting van vreugde over de groeiende scheppingskracht, de "bruiloft" in de natuur. Oud en jong danste met elkaar om de meiboom.
Het Pinksterfeest is klaarblijkelijk een feest van verbondenheid met elkaar, van je realiseren, dat datgene, wat een individu doet, gevolgen heeft voor het geheel, voor de toekomst.
Zo kan ook de mens, die gebonden is aan zijn lichaam, echt "vrij" worden, zichzelf terugvinden in de Geest, die ons helpt onze blik te richten op de toekomst: ".....want de fiere Pinksterblom moet voortgaan!"



(Bron;  Rudolf Steiner School Krimpen)